Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie Melding niet meer tonen
the engineers of development
Image

Representations deel 1 - View versus Level of Detail

Onderdelen kunnen zichtbaar of onzichtbaar gemaakt worden in een samenstelling middels Representation Views en Level of Detail (LoD). Ze hebben beide hetzelfde resultaat, maar er is een wezenlijk verschil tussen de beide werkwijzes. Ik neig persoonlijk naar het gebruik van representation views en probeer LoD’s niet te gebruiken. Dat zal ik toelichten.

Allereerst het significante verschil:

  • Bij View representations zet je de ‘visibility’ van een onderdeel aan of uit. De visibility status is of een onderdeel zichtbaar is in de huidige samenstelling of niet. Bij visibility worden bestanden wel ingeladen, bij suppressed niet. In beide situaties wordt het onderdeel niet zichtbaar.
  • Bij een LoD representation zet je de ‘suppressed’ status aan of uit. De Suppressed status zorgt er voor of het onderdeel wordt ingeladen in de huidige samenstelling. Suppressed lijkt de betere keuze. Wat je niet ziet hoeft toch ook niet ingeladen te worden?

Het probleem van Level of detail

Het probleem is echter dat suppressed onderdelen niet kunt updaten als ze niet zijn ingeladen. Schakelen tussen LoD’s zorgt dus dat je bestanden inlaadt en afsluit. Hierdoor moet je extra vaak opslaan en dan komt Inventor nog wel eens met een vraag:



LoD werkt in de laatste versies al iets beter maar kan nog steeds update problemen geven. En laat Inventor nou net een programma zijn dat erg graag wil updaten.

Als je in ‘Read-only’ een samenstelling (Get from Vault) opent, kun je dus ook niet opslaan, de stuklijst bekijken of van LoD wisselen. Er zijn nog meer minpunten aan LoD maar die bespreek ik niet in detail.

Waar is Level of Detail goed voor?

Level of Detail is één van de eerste oplossingen in Inventor voor “Large Assembly Management”. Het is bedoeld om zware samenstellingen met veel onderdelen werkbaar te maken door alleen dat in te laden wat de engineer wil zien.Level of Detail is dus niet gemaakt om onderdelen zichtbaar en onzichtbaar te maken op je tekening, hoewel dat wel mogelijk is en door veel engineers zo wordt gebruikt.

Inmiddels zijn de pc’s al een stuk sneller dan 15 jaar geleden toen LoD’s waren bedacht. Toen was een samenstelling van een paar honderd onderdelen al zeer belastend voor de computer. En veel samenstellingen waar engineers vandaag de dag in werken waren destijds ondenkbaar om te openen zonder LoD’s. Er komen eigenlijk geen samenstellingen meer voor die te zwaar zijn om in te laden, tenzij je werkt aan een grote 3D lay-out van een fabriek. Maar daar zijn inmiddels betere technieken voor ontwikkeld zoals Simplify en Express Mode.


Figuur 1- Wat ooit een zware samenstelling was, is dat al lang niet meer.

Werken met View Representations

Als je met view representations wilt werken moet je op de hoogte zijn van associativity, anders kunnen er onverwachte dingen gebeuren.
Associativity betekent dat er een link is met de design view in een assembly met een hogere assembly of drawing.

Dit is niet toegankelijk in de model browser:

Figuur 2 - Raar maar waar, alleen level of detail is beschikbaar



Hiervoor moet je in de modelbrowser met rechtermuisknop op een assembly en klikken op de optie ‘Representation’.

Figuur 3 - Design view representation van een sub assembly


Vink hierbij het vakje Associative aan. Dit zorgt er voor dat de visibility status in de subassembly gelijk is in de hogere samenstelling. Mogelijk zet je soms per ongeluk deze associativity uit door de volgende melding in Inventor:

Figuur 4 – remove associativity

Hierdoor kunnen verschillen optreden tussen wat aan en uit staat in een topassembly en subassembly, wat leidt tot verwarring. Hieronder laat ik zien wat er gebeurt:


Figuur 4 – Associative link in assemblies aan/uit

Zorg dus dat assemblies altijd associative zijn, tenzij je daar een gegronde reden voor hebt. Als je voor remove associativity kiest, zet het dan later weer aan met rechtermuisknop-Representation.

Je hebt niet alleen associativity tussen assembly en subassembly, maar ook van drawing view naar assembly. Ook hier is het verstandig om de associative link aan te zetten. Ook deze link staat standaard uit.


Figuur 5 – Associative link in drawings

Je kunt de associativity van alle drawing views controleren door met rechtermuisknop op een view te klikken en te kiezen voor: Apply Design View. Je krijgt dan een menu waarbij je van alle views de associativity kunt instellen:


Figuur 6 – Associativity voor all views

Voordelen

Wanneer je dus let op de associativity van view representations is dit een veel gebruiksvriendelijkere werkwijze dan level of detail. Bovendien krijg je ook nog extra flexibiliteit voor als je een onderdeel in een aanzicht net wél uit wilt hebben en in een ander aanzicht niet. Mijn ervaring met View representations is dat het programma minder ‘zeurt’ om op te slaan of te updaten en hierdoor heb je minder kans op crashes. Je moet alleen even bedacht zijn op de associativity, that’s it. Nog een laatste voordeel is de filter setting in de Partslist:


Figuur 7 – Filter de partslist op wat je ziet in een view kan erg handig zijn.

Tot slot

Ik gebruik zelf een iLogic script wat al mijn sub-samenstellingen op associative zet. Dit gebruik je in de top assembly en voorwaarde voor dit script is dat de associative design view “Default” heet. Als je geïnteresseerd bent kun je het script hier downloaden.

Vragen of suggesties over dit artikel? Stuur me dan een mail of zoek contact via LinkedIn.


Arnold van der Veen